Een kleine wereld

Naast mijn huis vind je een winkeltje. Een winkeltje waarvan ik niet goed weet hoe ik het moet omschrijven, want iedere keer als ik denk dat ik de juiste term heb gevonden, blijk ik daarmee iemand te beledigen. Eerst noemde ik het een ‘speelgoedwinkeltje’ maar toen mijn collega hoorde over welke winkel ik het had, kreeg ik op mijn kop. Het was immers veel meer dan een simpele speelgoedwinkel. ‘Oke, een treinenwinkel dan?’ opperde ik …

Continue reading →

The cat city

The cat city

Hij zegt het voorovergebogen, bibberend: hij is een vreemde in eigen stad. ‘Zijn’ Centraal Station herkent hij al jaren niet meer, maar nu het pas geleden volledig verbouwd is, is het einde zoek. Dat het station nog geen naam heeft en door de gewone Rotterdammer uit gebrek aan beter ‘frietzak’  wordt genoemd, is hem onbekend. Zijn vrouw, net zo grijs maar iets minder wereldvreemd, leidt hem kordaat maar voorzichtig door de stationshal. Op weg naar …

Continue reading →

Rotterdam in beeld

Rotterdam in beeld

Het is nu precies een week geleden dat ik mijn Zaandamse voordeur achter me dichttrok en mijn Rotterdamse deur nieuwsgierig opende. Als kersverse inwoonster van ‘Roffa’ heb ik deze week m’n best gedaan om de stad alvast een beetje te leren kennen. Helaas liep dat twee keer af met een blunder (daarover meer in mijn vorige blog). Naast schaamtevolle momenten, zag mijn eerste week in Rotterdam er zo uit.

Continue reading →

Le fabuleux destin d’Amélie

Cool. Zo voel ik mij, nu ik op hoge hakken mijn Rotterdamse voordeur achter me dichttrek en met mijn handtas nonchalant over mijn arm naar het dichtstbijzijnde metrostation loop. Cool, want ik heb het kleinschalige Zaandam (in de puber volksmond ook wel ‘saaidam’ genoemd) ingeruild voor het grote, rauwe, New-York-achtige Rotterdam. Het is zo’n filmgevoel, je kent het wel, alles voelt goed en positief en het lijkt alsof de wereld speciaal voor jou een vrolijk Amélie-muziekje …

Continue reading →

Coup de foudre

Liefde op het eerste gezicht, coup de foudre zoals de Fransen dat zo mooi zeggen, was het niet. Het is namelijk geen flat om trots op te zijn, mijn flat. Zo op het eerste gezicht zijn het veertien rood-wit gekleurde verdiepingen, vier met tl-buizen verlichte ingangen en honderden met satellieten behangen balkons. Vuile luiers worden er zonder pardon vanaf gegooid en men heeft massaal schijt aan het ophaalschema van de grofvuilmedewerkers. In de lift hoef je …

Continue reading →